Wie zit er eigenlijk aan de knoppen?

Telkens wanneer iemand zegt: genoeg is genoeg. Ik wil doen waar mijn hart ligt. Ik voel dat er nu nog een deel van mij is dat niet aan bod komt.

Dan maakt mijn hart een sprongetje. Want elke dappere ziel die kiest voor haar eigen verlangen, is er één. Ik weet welk ripple effect daarvan uitgaan. Anderen die spontaan worden aangestoken en mee gaan doen. Tot er uiteindelijk een grote beweging ontstaat van mensen die zeggen: dit vinden wij belangrijk, hier staan we voor in vuur en vlam.

In mijn werk als coach ontmoet ik grofweg twee groepen mensen. De eerste groep is goed in wat ze doet. Heel succesvol in het werk, maar ook hondsmoe. Want wat ze terugkrijgen van hun werk staat al langere tijd niet meer in verhouding tot wat ze erin stoppen. Ergens tussen de hoge eisen, het hoge ambitieniveau en de ‘ík zie overal kansen’-mentaliteit is het lijntje met van binnen verloren gegaan. Het is niet meer zo goed voelbaar waar ze werkelijk werkplezier aan ontlenen. Want dat plezier is in de veelheid en de drukte al lang geleden uit het raam gevlogen.

En dan is er een tweede groep. Ook deze mensen zijn ambitieus. Ze willen veel en kunnen veel. Maar ergens sluimert al jaren iets. Het speelt zachtjes op de achtergrond. Tot het in een rustige periode, op zo’n onbewaakt moment, weer uit het doosje komt. Wil ik me werkelijk de rest van mijn leven wijden aan wat ik nu doe? Of wil ik mijn energie en aandacht misschien wel aan heel andere dingen geven? Ik weet niet zeker of het nog wel klopt.

Er is één ding waarmee beide groepen zichzelf behoorlijk in de vingers kunnen snijden: negeren wat ze ervaren. Wegwuiven. Zo van: zo moe ben ik nou ook weer niet. Of deze: ik moet niet zeuren, ik ben toch bevoorrecht dat ik zulk uitdagend werk heb. Of de verontwaardigde innerlijke stem: wat loop ik nou te klagen? Andere mensen hebben het veel slechter dan ik. Of de relativeerder: overal is wel iets op aan te merken. Het is nergens fantastisch.

Luisteren naar deze stemmen en ze domweg volgen staat gelijk aan jezelf overleveren aan de goden. Dat werkt zo. Onze hersenen zijn een grote voorspellingsmachine. Ze gebruiken wat ze kennen om te voorspellen wat er gaat gebeuren. En het vertrouwde voelt vaak veiliger dan het onbekende. Zelfs wanneer dat vertrouwde hoognodig toe is aan een update.

Dus als je die stemmen het laatste woord geeft? Weg regie.

Je mag ervan uitgaan dat sommige stemmen zich zullen blijven melden. Ze kunnen de boel flink verwarrend laten aanvoelen. Ze hoeven niet weg. Maar het wordt wel tijd dat jij ze hun plek wijst. Ergens in de zaal, tussen het publiek bijvoorbeeld. Terwijl jij zelf achter de regietafel zit en aan de knoppen draait.

Is het voor jou ook hoog tijd om zelf achter de regietafel plaats te nemen? En serieus te nemen wat je al langere tijd ervaart? Stuur me een PM. Ik ga graag met je in gesprek.